De Data Act per 12 september 2026: hoe u uw eigen machinedata opeist bij de volgende investering
Aanstaande zaterdag treedt in de Dataverordening een bepaling in werking die in vrijwel alle berichtgeving als een verplichting voor fabrikanten wordt gepresenteerd. Dat klopt ook: het is hun verplichting, niet die van u. Juist daarom is het de moeite waard er als koper naar te kijken. Vanaf 12 september 2026 moet elk verbonden product dat nieuw op de markt komt, en elke gerelateerde dienst daarbij, zo zijn ontworpen dat de gebruiker standaard bij de gegenereerde data kan: kosteloos, veilig en in een machineleesbaar formaat. Voor een vervoerder, een voedingsproducent of een teler betekent dat iets heel concreets. De data van uw eigen machines, sensoren en telematica-units is straks niet langer iets wat u bij uw leverancier moet lospeuteren, maar iets waar het apparaat op ontworpen hoort te zijn. Dat is precies de voorwaarde waarop AI-projecten als predictive maintenance en vision-inspectie in de praktijk stuklopen. Dit stuk gaat over hoe u die bepaling gebruikt bij uw eerstvolgende investeringsbeslissing, en over de ene vraag die u deze week nog aan een leverancier zou moeten stellen.
Op deze pagina
- Wat er op zaterdag 12 september verandert
- Twee datums die makkelijk door elkaar lopen
- Waarom dit voor u een inkoopvraag is en geen compliancevraag
- Wat telt als verbonden product, en wat als gerelateerde dienst
- De vraag die deze week het meeste oplevert
- De ontbrekende schakel onder predictive maintenance
- En onder vision-inspectie op de lijn
- Wat de verordening u niet geeft
- De mens beslist en tekent, en hier eerder dan gewoonlijk
- Waar u praktisch begint
Wat er op zaterdag 12 september verandert
De Dataverordening, Verordening (EU) 2023/2854, is op 12 september 2025 van toepassing geworden. Eén bepaling ging toen bewust nog niet in: artikel 3, lid 1. Artikel 50 van de verordening bepaalt dat de verplichting uit dat artikel geldt voor verbonden producten en de daarmee gerelateerde diensten die na 12 september 2026 in de handel worden gebracht.
Wat dat artikel vraagt is een ontwerpeis. Een verbonden product moet zo worden ontworpen en vervaardigd, en een gerelateerde dienst zo worden ontworpen en geleverd, dat de productgegevens en de gegevens van de gerelateerde dienst standaard toegankelijk zijn voor de gebruiker. Daarbij horen de metagegevens die nodig zijn om die data te interpreteren en te gebruiken, en de toegang moet gemakkelijk, veilig en kosteloos zijn, in een omvattend, gestructureerd, algemeen gebruikt en machineleesbaar formaat. Voor zover dat relevant en technisch haalbaar is, moet de data rechtstreeks toegankelijk zijn.
Let op het woord standaard. Het gaat niet om data die u kunt krijgen als u erom vraagt en het bijbehorende abonnement afneemt, maar om data die het apparaat uit zichzelf afgeeft omdat het daarop is ontworpen. Dat is een ander uitgangspunt dan waaraan de meeste kopers van machines, klimaatinstallaties en telematica gewend zijn geraakt.
Twee datums die makkelijk door elkaar lopen
In de berichtgeving lopen twee datums door elkaar, en dat verschil bepaalt wat u vandaag al kunt eisen en wat pas straks. Op 12 september 2025 werd de verordening als geheel van toepassing. Toen gingen onder meer de artikelen 4 en 5 in: het recht van de gebruiker om de direct beschikbare gegevens bij de gegevenshouder op te vragen, en het recht om diezelfde gegevens te laten verstrekken aan een derde partij naar keuze. Die rechten hangen niet aan de leeftijd van uw machine.
Op 12 september 2026 komt daar artikel 3, lid 1, bij, en die bepaling werkt anders. Zij hangt wél aan een datum, namelijk aan het moment waarop het product in de handel is gebracht. Een machine die uw leverancier vóór die zaterdag op de markt heeft gebracht, hoeft niet aan de ontwerpeis te voldoen. Een machine die daarna op de markt komt, wel.
Het praktische gevolg is niet dat u tot nu toe rechteloos was, maar dat de weg verschilt. Bij bestaand materieel vraagt u de data op bij de gegevenshouder, en is de vraag hoeveel moeite dat kost. Bij nieuw materieel hoort het apparaat het zelf te kunnen, en is het uitblijven daarvan een gebrek in plaats van een verzoek. De Belgische technologiefederatie Agoria beschreef bij die eerste datum al waar het in de kern om gaat: gebruikers van verbonden producten, van een slimme tractor tot een industriële robotarm, krijgen toegang tot de data die bij het gebruik ontstaat.
Waarom dit voor u een inkoopvraag is en geen compliancevraag
De verplichting rust op de fabrikant en op de aanbieder van de gerelateerde dienst, niet op u als gebruiker. In de meeste stukken die over deze datum verschijnen is dat ook de invalshoek: wat producenten van slimme apparaten moeten regelen. Advocatenkantoor Houthoff beschreef die kant kort na de inwerkingtreding van de verordening al, met de kern dat apparaten zo ontworpen moeten worden dat de gebruikte data standaard en kosteloos toegankelijk is.
Voor een vervoerder, een voedingsproducent of een teler is de omgekeerde vraag interessanter. Als uw leverancier iets moet, wat kunt u dan vragen? Het antwoord is: aanzienlijk meer dan er gewoonlijk in een offerte staat. En het moment waarop u dat vraagt ligt vóór de handtekening, niet erna.
Er zit nog een bepaling in de verordening die in inkoopgesprekken zelden ter sprake komt en die voor uw positie uitmaakt. Artikel 4, lid 13, verbiedt de gegevenshouder om uw niet-persoonsgebonden data te gebruiken om inzicht te verwerven in uw economische situatie, uw bezittingen of uw productiemethoden op een manier die uw commerciële positie kan ondermijnen in de markten waarin u actief bent. Voor ander gebruik van die data is bovendien een contractuele grondslag met u nodig. Wie uw machines levert, mag uit uw draaiuren dus geen beeld opbouwen dat tegen u werkt.
In Nederland is het toezicht sinds 21 november 2025 belegd. Op die datum trad de Uitvoeringswet dataverordening in werking en werd de Autoriteit Consument en Markt bevoegd toezichthouder; de ACM kondigde daarbij aan in 2026 voorlichting te geven over en onderzoek te doen naar de naleving van de informatieverplichting. Weigert een leverancier data te delen, dan moet hij dat volgens Ondernemersplein melden bij de ACM, bij u en bij de betrokken derde partij. Dat is geen dreigement om in een offertegesprek te gebruiken, maar het is wel het verschil tussen een wens en een recht.
Wat telt als verbonden product, en wat als gerelateerde dienst
De reikwijdte is ruimer dan de term slim apparaat suggereert. Artikel 2 omschrijft een verbonden product als een voorwerp dat gegevens over het gebruik of de omgeving ervan verkrijgt, genereert of verzamelt en die productgegevens kan doorgeven via een elektronische-communicatiedienst, een fysieke verbinding of toegang op het apparaat zelf, en waarvan de hoofdfunctie niet het opslaan, verwerken of doorgeven van data voor een ander dan de gebruiker is.
Een gerelateerde dienst is de digitale dienst die daarbij hoort: software zonder welke het product een of meer van zijn functies niet kan vervullen, of software die de fabrikant of een derde er later aan koppelt om functies toe te voegen, bij te werken of aan te passen. Het bijbehorende portaal, de app en de clouddienst vallen daar in de regel onder, en dat is precies de laag waar uw data nu vaak blijft hangen.
In de sectoren waarin wij werken gaat het dan onder meer om:
- Telematica- en boordcomputers in trekkers, trailers en bestelwagens, met de rit-, verbruiks- en koelgegevens die zij vastleggen.
- Productie- en verpakkingsmachines op de lijn, met hun trillings-, temperatuur-, stroom- en storingsgegevens.
- Koel- en vriesinstallaties en de registratie van het temperatuurverloop die daarbij hoort.
- Weegbruggen, sorteerinstallaties, palletiseerrobots en magazijnsystemen.
- Klimaatcomputers, sensoren en watergiftsystemen in de kas, en trekkers en oogstmachines op het land.
- De portalen en cloudomgevingen bij al die apparatuur, want die vallen als gerelateerde dienst onder dezelfde regels.
De vraag die deze week het meeste oplevert
De ontwerpeis hangt aan één feit: is het product ná 12 september 2026 in de handel gebracht? Dat is niet hetzelfde als de datum waarop u tekent, en ook niet de datum waarop de machine bij u wordt afgeleverd. Een unit uit een serie die deze zomer op de markt is gekomen valt er niet onder, ook niet als hij pas in november bij u op de vloer staat.
Dat maakt de komende weken bijzonder. Wie nu offertes vergelijkt, heeft te maken met een aanbod waarin beide categorieën door elkaar lopen, en niets in de offerte maakt dat verschil zichtbaar. De vraag die u dus stelt vóórdat u tekent is eenvoudig: wordt het exemplaar dat u ons aanbiedt na 12 september 2026 in de handel gebracht, en voldoet het aan artikel 3, lid 1, van de Dataverordening? Het antwoord daarop is geen mening maar een feit, en het is te vragen zonder dat het gesprek juridisch wordt.
Valt het antwoord ontkennend uit, dan is dat geen reden om niet te kopen. Het is wel de reden om de toegang tot de data dan zelf in het contract te zetten, want de wet doet het voor die machine niet voor u.
Bij een verbonden product dat wél onder de ontwerpeis valt, geeft artikel 3, lid 2, u bovendien recht op informatie vóórdat u koopt, huurt of least. Uw leverancier moet dan uit zichzelf duidelijk maken welke soorten data het product genereert en in welke hoeveelheid, of dat continu en in realtime gebeurt, of de data wordt opgeslagen en zo ja waar en hoe lang, en hoe u er toegang toe krijgt, ze kunt opvragen en zo nodig kunt wissen. Dat is precies de informatie die u nodig heeft om te beoordelen of een AI-toepassing op deze machine überhaupt mogelijk is. Vraag die informatie op papier, want een mondelinge toezegging is bij de volgende accountwissel verdwenen.
De ontbrekende schakel onder predictive maintenance
In ons stuk over predictive maintenance staat wat zo'n project nodig heeft: een periode van betrouwbare, representatieve meetdata per machine, zo mogelijk met historische storingen erbij, en een eenduidige koppeling tussen sensordata en het onderhoudslogboek. Wie dat rijtje naast de praktijk legt, ziet meteen waar het misgaat. Die data bestaat vaak wel, maar staat in het portaal van de machinebouwer, in een aggregatie die hij heeft gekozen, achter een abonnement dat hij prijst, en in een exportformaat dat per leverancier verschilt.
Het gevolg is bekend. Het model dat u wilt laten bouwen kan alleen worden gebouwd door de partij die de data al heeft, of het moet worden getraind op wat u toevallig mag exporteren. In het eerste geval koopt u geen model maar een afhankelijkheid. In het tweede geval bouwt u op een dataset waarvan u de aggregatiekeuzes niet kent, terwijl juist die keuzes bepalen of een beginnende storing nog zichtbaar is.
Artikel 3, lid 1, haalt die schakel weg bij nieuw materieel, en artikel 5 doet dat nu al bij wat u heeft staan. Dat laatste artikel geeft u het recht om de direct beschikbare gegevens te laten verstrekken aan een derde partij naar uw keuze, zonder onnodige vertraging, in dezelfde kwaliteit als de gegevenshouder ze zelf heeft, kosteloos voor u en in een machineleesbaar formaat, met de metagegevens erbij. Dat is de bepaling die het mogelijk maakt een onderhoudsmodel te laten bouwen door iemand anders dan degene die de machine heeft geleverd. Eén beperking staat er expliciet in: een als poortwachter aangewezen partij onder de digitalemarktenverordening kan die derde partij niet zijn.
Voor de nulmeting waar dat artikel om vraagt verandert daarmee iets wezenlijks. De vraag is niet langer alleen of de sensoren de juiste grootheden meten, maar of u de meetreeks in een bruikbaar formaat in handen krijgt, met de metagegevens die nodig zijn om hem te interpreteren.
En onder vision-inspectie op de lijn
Bij computer vision op de verpakkingslijn speelt hetzelfde, op een plek die nog gevoeliger ligt. Dat artikel beschrijft hoe u een afkeursysteem valideert: met een onafhankelijke validatieset uit uw eigen productie, met een uitdagingstest op lijnsnelheid, en met een periodieke herinspectie van de goedgekeurde stroom. Alle drie vragen zij om toegang tot wat het systeem heeft gezien en geoordeeld, niet alleen tot het percentage dat het rapporteert.
In de praktijk is dat vaak precies wat niet standaard wordt geleverd. U krijgt een dashboard met afkeurpercentages, terwijl de onderliggende beelden, oordelen en drempelinstellingen in de omgeving van de leverancier blijven. Daarmee is de validatie die HACCP en FSSC 22000 van u vragen niet uit te voeren, want u kunt een oordeel achteraf niet reconstrueren.
Een vision-installatie is doorgaans een verbonden product met een gerelateerde dienst eromheen. Voor systemen die na 12 september 2026 op de markt komen hoort de toegang tot die gegevens dus in het ontwerp te zitten. Neem dat op in het bestek, samen met de eis dat de beelden van de afkeur én een steekproef uit de goedkeur bij u beschikbaar blijven. Houd er daarbij rekening mee dat opnamen waarop handen of gezichten van medewerkers te zien zijn persoonsgegevens bevatten. De Dataverordening zet de AVG niet opzij: waar het gaat om persoonsgegevens van iemand anders dan uzelf, is een grondslag onder de AVG nodig voordat die gegevens mogen worden verstrekt.
Dezelfde redenering geldt buiten de fabriek. In de kas legt de klimaatcomputer al jaren temperatuur, luchtvochtigheid, CO2 en lichtsom vast, en dat is precies de data waarop yield-forecasting en klimaatsturing draaien. In groothandel en logistiek loopt de lijn door de boordcomputers en magazijnsystemen die de basis vormen voor de toepassingen die daar het eerst renderen.
Wat de verordening u niet geeft
Een eerlijke lezing hoort de grenzen mee te nemen, want een verkeerde verwachting kost in een onderhandeling meer dan zij oplevert. Vijf beperkingen zijn van belang:
- Alleen direct beschikbare gegevens. De verordening omschrijft die als gegevens die de gegevenshouder rechtmatig verkrijgt of kan verkrijgen zonder onevenredige inspanning die verder gaat dan een eenvoudige handeling. Ruwe meetdata en logs vallen daar in de regel onder; een afgeleide score, een verrijkte analyse of een voorspelling die uw leverancier zelf heeft berekend is iets anders.
- Bedrijfsgeheimen blijven beschermd. Artikel 4, leden 6 tot en met 8, verplicht beide partijen om vóór verstrekking maatregelen te treffen die de vertrouwelijkheid bewaren, en laat de gegevenshouder toe verstrekking op te schorten of te weigeren wanneer daarover geen overeenstemming komt of wanneer hij met objectieve gegevens ernstige economische schade aantoont.
- Rechtstreekse toegang geldt voor zover relevant en technisch haalbaar. Dat is een reële beperking, maar wel een die uw leverancier moet kunnen onderbouwen in plaats van als vanzelfsprekend opvoeren.
- Geen terugwerkende kracht op het ontwerp. Voor producten die niet ná 12 september 2026 in de handel zijn gebracht blijft het bij de rechten uit de artikelen 4 en 5. De ontwerpeis geldt daar niet, hoe redelijk het verzoek ook is.
- De data is voor uw eigen gebruik. Artikel 4, lid 10, verbiedt u de gegevens te gebruiken voor de ontwikkeling van een verbonden product dat concurreert met het product waaruit ze afkomstig zijn, ze met dat doel aan een derde te verstrekken, of er inzicht mee te verwerven in de economische situatie, de bezittingen of de productiemethoden van de fabrikant.
De mens beslist en tekent, en hier eerder dan gewoonlijk
Bij AIBA hanteren we als uitgangspunt dat de mens beslist en tekent. Bij dit onderwerp valt dat moment een stap eerder dan u gewend bent: de beslissing die telt is de handtekening onder het inkoopcontract, niet de beoordeling van een modeluitkomst later. Wie de datatoegang pas ter sprake brengt op het moment dat het AI-project begint, onderhandelt vanuit een positie waarin de machine er al staat en de leverancier weet dat u niet meer weg kunt.
Dat betekent ook dat deze vraag niet uitsluitend bij techniek of IT hoort. Degene die de investeringsbeslissing neemt moet begrijpen wat hij weggeeft als hij tekent zonder de datatoegang te regelen. Sinds 2 februari 2025 verplicht artikel 4 van de EU AI Act (Verordening (EU) 2024/1689) organisaties bovendien om medewerkers die met AI-systemen werken voldoende AI-geletterdheid bij te brengen. De inkoper die machines met een dataplatform eromheen aanschaft, hoort in de praktijk tot die groep.
Wie de toegang bij de aanschaf regelt, maakt het latere werk aan de classificatie en documentatie van AI in operationele processen bovendien eenvoudiger. Een deel van wat daar wordt gevraagd gaat over de herkomst en de kwaliteit van de invoergegevens, en dat is nu juist wat u met deze afspraken vastlegt.
Waar u praktisch begint
Hiervoor hoeft u geen dossier op te bouwen en geen jurist in te schakelen. Drie dingen zijn deze week al te doen. Maak eerst een lijst van de investeringen in machines, installaties, sensoren of telematica die u de komende twaalf maanden verwacht, en zet erbij welke daarvan onderdeel kunnen worden van een AI-toepassing. Neem daarna in uw standaard-inkoopvoorwaarden één alinea op over datatoegang, geformuleerd in de termen van artikel 3, lid 1: standaard, kosteloos, machineleesbaar, met de metagegevens erbij en bij voorkeur rechtstreeks. En vraag bij elke lopende offerte of het aangeboden exemplaar na 12 september 2026 in de handel wordt gebracht.
Voor het materieel dat er al staat is de eerste stap een andere. Kies één machine die u voor predictive maintenance of een andere toepassing op het oog heeft, en dien op grond van artikel 4 een verzoek in om de direct beschikbare gegevens. Wat u terugkrijgt, in welk formaat en na hoeveel tijd, zegt meer over de haalbaarheid van dat project dan welke offerte ook. Onze gratis Praktijk Scan helpt die eerste machine te kiezen en scherp te krijgen welke data u er werkelijk voor nodig heeft.
Bronnen
- Verordening (EU) 2023/2854 (Dataverordening, Data Act), EUR-Lex
- Data Act, artikel 3: verplichting om product- en gerelateerde-dienstgegevens toegankelijk te maken
- Data Act, artikel 4: rechten en verplichtingen van gebruikers en gegevenshouders
- Data Act, artikel 5: recht om gegevens te laten delen met een derde partij
- Data Act, artikel 50: inwerkingtreding en toepassing (12 september 2025 en 12 september 2026)
- Regels voor data uit slimme apparaten, Ondernemersplein (Rijksoverheid)
- ACM, 24 november 2025: ACM vanaf nu bevoegd om toezicht te houden op de Data Act
- Houthoff: EU Data Act, nieuwe verplichtingen voor producenten van slimme apparaten
- Agoria, 11 september 2025: EU Data Act, wat verandert er op 12 september
- Europese Commissie: Data Act (in werking 11 januari 2024, van toepassing 12 september 2025)
- Verordening (EU) 2024/1689 (EU AI Act), artikel 4, EUR-Lex
Veelgestelde vragen
- Wat verandert er precies op 12 september 2026 aan de Data Act?
- Dan gaat artikel 3, lid 1, van de Dataverordening (Verordening (EU) 2023/2854) gelden. Verbonden producten en de daarmee gerelateerde diensten die na die datum in de handel worden gebracht, moeten zo zijn ontworpen dat de productgegevens en de gegevens van de gerelateerde dienst standaard toegankelijk zijn voor de gebruiker: gemakkelijk, veilig, kosteloos en in een omvattend, gestructureerd, algemeen gebruikt en machineleesbaar formaat, met de metagegevens die nodig zijn om ze te interpreteren. Voor zover relevant en technisch haalbaar moet de toegang rechtstreeks zijn. De rest van de verordening geldt al sinds 12 september 2025.
- Geldt die ontwerpeis ook voor machines die ik al heb staan?
- Nee. Artikel 50 koppelt de verplichting uit artikel 3, lid 1, aan producten die na 12 september 2026 in de handel worden gebracht, niet aan de datum waarop u koopt of geleverd krijgt. Voor bestaand materieel gelden wel de artikelen 4 en 5, die sinds 12 september 2025 van kracht zijn: u kunt de direct beschikbare gegevens opvragen bij de gegevenshouder en laten verstrekken aan een derde partij naar keuze.
- Moet ik als gebruiker zelf iets doen vóór 12 september 2026?
- Wettelijk niet: de verplichting rust op de fabrikant en op de aanbieder van de gerelateerde dienst. Praktisch wel, en het is een klein ding. Vraag bij elke lopende offerte of het aangeboden exemplaar na 12 september 2026 in de handel wordt gebracht en of het aan artikel 3, lid 1, voldoet. Dat ene feit bepaalt of de datatoegang vanzelf geregeld is of dat u die zelf in het contract moet zetten.
- Mag ik mijn machinedata laten gebruiken door een andere AI-leverancier dan de machinebouwer?
- Ja. Artikel 5 geeft u het recht de direct beschikbare gegevens te laten verstrekken aan een derde partij naar uw keuze, zonder onnodige vertraging, in dezelfde kwaliteit als de gegevenshouder ze zelf heeft, kosteloos voor u en in een machineleesbaar formaat, met de bijbehorende metagegevens. Een als poortwachter aangewezen partij onder de digitalemarktenverordening kan die derde partij niet zijn. Wel geldt de beperking van artikel 4, lid 10: u mag de data niet gebruiken om een concurrerend verbonden product te ontwikkelen.
- Wat mag mijn leverancier weigeren?
- Drie dingen zijn van belang. Het recht gaat alleen over direct beschikbare gegevens, dus data die de gegevenshouder rechtmatig kan verkrijgen zonder onevenredige inspanning die verder gaat dan een eenvoudige handeling; een zelf berekende score of verrijkte analyse valt daar niet zonder meer onder. Bedrijfsgeheimen blijven beschermd: artikel 4, leden 6 tot en met 8, laat opschorting of weigering toe als er geen overeenstemming komt over beschermende maatregelen of als met objectieve gegevens ernstige economische schade wordt aangetoond. En rechtstreekse toegang geldt voor zover relevant en technisch haalbaar, al moet uw leverancier dat wel kunnen onderbouwen.
- Wie houdt er in Nederland toezicht op de Dataverordening?
- De Autoriteit Consument en Markt. Op 21 november 2025 trad de Uitvoeringswet dataverordening in werking en werd de ACM bevoegd toezichthouder op de naleving door aanbieders van slimme apparaten en clouddiensten met hun hoofdvestiging in Nederland. De ACM kondigde aan in 2026 voorlichting te geven over en onderzoek te doen naar de naleving van de informatieverplichting. De Autoriteit Persoonsgegevens houdt toezicht op de onderdelen die raken aan de bescherming van persoonsgegevens.
Dit artikel is informatief en geen juridisch advies. Genoemde marktprijzen en regelingen zijn indicaties per publicatiedatum; controleer actuele voorwaarden bij de officiële bronnen.
Verder lezen
- Food manufacturingPredictive maintenance met AI: van sensordata naar een onderbouwde onderhoudsbeslissingHoe AI op sensordata onderhoud voorspelbaarder maakt in food manufacturing en logistiek, wat dat aan data en organisatie vraagt, en waarom de mens de beslissing houdt.
- Food manufacturingComputer vision op de verpakkingslijn: hoe betrouwbaar is AI-afkeurclassificatie echt?Hoe betrouwbaar is AI-afkeurclassificatie op de verpakkingslijn? Wat vision wel en niet ziet, en hoe u false rejects en false accepts echt valideert.
- Agri-foodAI in de glastuinbouw en agri-food: waar begint u met yield-forecast en klimaatsturingPraktische route naar AI in de kas: yield-forecasting, klimaatdata en oogstplanning. De teler beslist, AI adviseert. Concrete eerste stappen voor agri-food.
